vrijdag 25 maart 2016

Uitgetest: de chocolate chip mug cake, voor een warm hart in deze moeilijke dagen

Het is me wat, daar in Brussel.
Al is die "daar" heel erg "hier".
En de boodschap is aangekomen.
Maar gelukkig hebben wij massaal beslist dat we zullen blijven doen wat we doen en zullen blijven staan waarvoor we staan.

Ons land mag dan geen land van melk en honing zijn volgens sommigen; chocolade en menselijke warmte zijn er in overvloed voor zij die het nodig hebben.
Daarom testte ik gisteren dit receptje uit: de chocolate chip mug cake*. Een klein beetje zalf op onze gewonde zielen.

Benodigdheden per persoon:
* 4 soeplepels gewone bloem
* 2 soeplepels bruine suiker
* 3 soeplepels (soja-)melk
* 1/4 theelepel bakpoeder
* 1/8 theelepel vanillepoeder
* 1/2 soeplepel plantaardige olie (bv zonnebloemolie)
* 2 soeplepels chocolate chips (bv van Jacques, daar zit geen melk in).

Het concept is simpel: doe alles behalve de chocolade in een tas (geen klein koffiekopje, maar een grote theetas). Goed mengen. Dan een deel van de chocoladestukjes eronder mengen en de rest er bovenop strooien. Zet de tas een dikke minuut in de microgolf en het resultaat is een hartverwarmend gebakje dat het midden houdt tussen een koekje en een cakeje.




En het hielp. We zaten gezellig aan tafel, ons hart werd warmer en het statement dat we zullen blijven werken aan een goeie wereld voor onze kinderen en alle aankomende generaties sterker.
Samen met de mooie woorden van Griet op de Beeck, die ik van een collega mocht ontvangen:

Laten we graag zien omdat we dat kunnen, en leven – voluit en gretig – omdat WIJ dat mógen en het daarom dubbel zo goed moeten doen. 
Laten we beter leren weten, niet meer morsen met de dagen die al die anderen, daar, vandaag, zomaar, opeens, zijn kwijtgeraakt. 
Laten we geen engelen zijn, maar als het kan toch ook geen duivels. 
Laten we mensen zijn. En helemaal onszelf worden, niet wie we denken dat anderen wilden dat we waren. 
Laten we moed houden, durven wankelen en redden wat er te redden valt. Onszelf bijvoorbeeld, en mekaar. 
Laten we stoppen met hopen en doen wat moet gebeuren om het te doen gebeuren, en mild zijn voor wie dat nog niet kan. 
Laten we ze openlaten: onze deuren, onze armen, onze geesten. 
Laten we pantsers afleggen, en het en de andere tegemoet treden, telkens weer.Laten we slapende honden keihard wakker maken. Blijven geloven in dromen die ook uitkomen. Veel verwachten, genoeg spijt hebben, in zeven sloten tegelijk lopen, alle dingen aankijken, ook dat wat ons verontrust. 
En laten we minachting koesteren voor de hopeloosheid, weten wat we waard zijn, onszelf gunnen wat we verdienen, want dat is vaak meer dan we geneigd zijn te denken. En laten we begrijpen wat de liefde is, onthouden dat dat alles is, of toch bijna.µ 
Laten we durven. Ja.






* Bron recept en foto: Kirbie cravings. Ook terug te vinden op Pinterest.

dinsdag 13 oktober 2015

Borstvoeding: achter de deur van het taboe

Bijna 18 weken ver zijn we.
Oftewel 4 maanden van continu bezig zijn over borsten en melk.
Soms denk ik: ik ga door tot zijn 18e verjaardag! (bij wijze van spreken he, zijn 1e verjaardag is ook al goed).
En soms denk ik, nadat mijn lijf het zoveelste vermoeidheidssignaal geeft: nu is het genoeg, ik houd er mee op!
Maar de waarheid is dat ik het zijn gang laat gaan en braaf volg. Sinds enkele weken is de productie niet meer optimaal. Met een kind dat op pure borstvoeding mij nog steeds gemiddeld 3 à 4 keer per nacht uit mijn bed zet, beginnen de wallen onder mijn ogen aan de bouw van een extra verdedigingsmuur.
Dus nam ik samen met de wederhelft de beslissing om af te bouwen en te stoppen. Een kraamverzorgster zei me eens: beter een flesje met volle liefde dan een doodvermoeide, gefrustreerde borst. Bovendien loopt hier nog een klein meisje rond dat ook graag aandacht krijgt van een blije, energieke moeder.
Voila! Ikke een doos HA-poedermelk in huis gehaald! En weer veel moed om ons kleinste wezentje groot te brengen in ons warm, gezellig nest, maar dan met flesjes, op z'n mindfullness gegeven.

Maar dat afbouwen, het blijkt dan toch niet zo simpel...
Met één à twee kleine flesjes als het nodig is, lijkt plots alles weer veel beter te gaan. Sommige dagen zijn er zelfs geen flesjes nodig.
En de nachten klokken al wel eens af op 1 à 2 keer opstaan. (Back off, you mean walls under the eyes!)

Maar mensen vinden dat ingewikkeld. Want wat wil ik nu: borst of fles?
 - Beide!
Jamaar, pas op, uw productie gaat achteruit gaan!
 - Niks van aan! Mijn productie is al 3 weken dezelfde. En moest ze toch plots achteruit gaan, dan is het niet erg. En moest ze niet achteruit gaan, dan is het ook niet erg.

Ik kies niet meer voor het of-of-verhaal. Ik ben een omni-voeder. En ik ben er best tevreden mee. (Vooral als ik 's nachts geen 6 keer meer moet opstaan.) En mijn kleine prins is er ook tevreden mee, getuige het "ik-heb-genoeg"-lachje op zijn mondje.

Als bewijs dat ik mijn best heb gedaan voor de borstvoeding; hieronder een foto van alle attributen die ik nodig heb gehad om het mogelijk te maken. Ontbreken nog: een tube cetavlex, voedingsbeha's en - t-shirts en de vroedvrouw aan huis.


Want dat is nog zo'n taboe. De moeite die het de meeste vrouwen kost om gestart te geraken en dan te blijven gaan. Ik heb nog nooit een vrouw horen zeggen: 'bij mij ging dat vanzelf'. Ook niet onder de oudere generatie 'jonge moeders'.
Eigenlijk zou elke vrouw die borstvoeding geeft, probeert te geven of geprobeerd heeft te geven zo'n foto moeten maken en aan de wereld tonen welke inspanningen het vergt zodat alle startende moeders zich gesteund weten en niet moeten denken dat ze het niet kunnen of abnormaal zijn. Zodat ze weten dat het enig doorzettingsvermogen vraagt maar dat het hoe het ook zij, in orde komt.
En eigenlijk zou ik de attributen van de flesvoeding bij op de foto moeten zetten, als statement dat een baby grootbrengen gewoon tout court uithoudingsvermogen vergt. Maar dat het in orde komt met die wallen en die puddingbuikjes. Dat ze er mogen zijn. En dat we in het moederschap nooit alleen zijn, want we zijn met velen en er zijn altijd verhalen die we kunnen delen.